historisch nieuwsblad

Manchester - Liverpool

Augustus 2017

Ik had al veel gelezen en gehoord over de eerste spoorlijn ter wereld die lang geleden, op 15 september 1830, werd geopend. Nu stond ik op een zaterdagochtend in Manchester op de plek waarvandaan bijna twee eeuwen geleden die legendarisch trein naar Liverpool was vertrokken. Het nog steeds bestaande spoorstation maakt tegenwoordig deel uit van het MOSI (Museum Of Science and Industry) en daar kocht ik een kaartje om op de historische plek zelf een treinreis terug in de tijd te maken. Op het ticket voor deze 1830 Express stond met koeienletters ‘Ride the railway that CHANGED THE WORLD.’ Die claim is terecht, want de spoorlijn tussen Manchester en Liverpool heeft in veel opzichten de wereld veranderd.

Zo kreeg het begrip snelheid na 1830 een nieuwe inhoud. Tot dan toe was de draf van een paard het toppunt van snelheid geweest. Deze door een stoomlocomotief getrokken trein reed met van 17 mijl (27 kilometer) per uur, en dat was slechts het prille begin van de door treinen ingezette versnelling. Maar ook toen al keken omstanders hoofdschuddend – ‘dat kan nooit goed aflopen’ – naar het luidruchtig voorbijrazende gevaarte. Na afloop van de reis verzuchtte een actrice dat het leek alsof ze had gevlógen. De trein kón nog wel sneller dan die 27 kilometer per uur, maar de machinist mocht niet harder. De rails waren niet door bielzen aan elkaar geklonken en daardoor bestond het gevaar dat ze bij een te hoge snelheid uit elkaar zouden worden gedrukt.

In onze ogen is die 27 kilometer een slakkengangetje, maar indertijd had hij spectaculaire gevolgen. De reisduur tussen Manchester en Liverpool werd tot een kwart teruggebracht. In plaats van acht uur met de postkoets waren reizigers met de trein nog maar twee uur onderweg. Dat de spoorlijn ook voor passagiers was bedoeld, zie je aan de rijtuigen van de eersteklas. Die lijken op de postkoetsen waarmee ze moesten concurreren. Er was ook een tweede en een derde klas, en dat waren net boerenwagens. Passagiers in de tweede klas konden weliswaar zitten, maar pas na vijf jaar kregen ze een dak boven het hoofd, terwijl ramen nog langer op zich lieten wachten. Reizigers in de derde klas moesten in de open lucht, vaak tussen koeien en andere beesten, staan.

Ook vóór de opening van de lijn Manchester-Liverpool was er al met stoomlocomotieven geëxperimenteerd. Maar dat ging uitsluitend om goederenvervoer. Bovendien moesten de locs daar op zware baanvakken worden ondersteund door paarden. Dat was tussen Manchester en Liverpool niet meer nodig. Behalve een groot aantal spoordijken waren er op het traject liefst 64 bruggen en viaducten aangelegd, zodat er geen grote hoogteverschillen meer hoefden te worden overbrugd.

Die zaterdagochtend in Manchester klom ik met een valies vol historische bagage in een tweedeklas wagon. Vrijwilligers waren druk in de weer met de stoomlocomotief, een in 1992 vervaardigde replica van de machine uit 1830. Vergeleken met de andere locomotieven uit het MOSI was deze Planet een schattig klein locomotiefje. Glimmend gepoetste koperen pijpen, een met glanzend hout beslagen ketel en mannen die na één proefritje al onder het roet zaten. Zij schepten vuistdikke kolen in het vuur, trokken aan diverse hendels, waarna Planet zich met sissend, puffend en rook uitblazend in beweging zette.

Van het plechtige gevoel – op historische grond zou ik ervaren hoe de treinrevolutie zich had voltrokken – waarmee ik die ochtend vertrokken was, bleef in de trein weinig over. Niet alleen omdat we slechts een kippeneindje reden, vooral ook omdat het treinritje een soort kermisattractie was waarbij passagiers op bevel moesten juichen en zwaaien.

Veel meer indruk maakte de omgeving rond het MOSI, bij Liverpool Street en Castlefield met zijn oude pakhuizen en kanalen. Daar is het een wirwar van spoorlijnen, spoortunnels, spoorviaducten, spoorbruggen. Sommige van baksteen, andere van gietijzer; stuk voor stuk juweeltjes van industrieel erfgoed. Op één plek waren wel vier lijnen (sommige nog in gebruik, andere niet meer) parallel aan elkaar over verschillende kunstwerken aangelegd. Het is de concrete erfenis van de ‘railroad mania’ die na het succes van de lijn Manchester-Liverpool uitbrak en er de ene spoorlijn na de andere werd aangelegd. In 1830 bedroeg de totale lengte van spoorwegen in het Verenigd Koninkrijk 97 mijl; in 1840 was dat al 1497 mijl en in 1900 liefst 22-duizend mijl. Buiten de poorten van het MOSI ving ik een glimp op van wat deze cijfers in de praktijk betekenden, het was het meest indrukwekkende deel van mijn spoorbedevaart.

terug naar overzicht